Einde overgangsregeling 30%-regeling
Met ingang van 1 januari 2019 is de periode waarin de 30%-regeling mag worden toegepast, verkort van maximaal 8 tot maximaal 5 jaar. Voor werknemers, die in de periode van 1 januari 2012 tot en met 31 december 2018 in Nederland zijn gekomen, geldt overgangsrecht. Is er voor een werknemer op 1 januari 2021 meer dan 5 jaar gebruikgemaakt van de 30%-regeling?
Dan stopt de regeling op die datum. Is er op 1 januari 2021 nog geen 5 jaar gebruikgemaakt van de regeling? Dan loopt de regeling door totdat de maximale looptijd van 5 jaar is verstreken. Deze overgangsregeling eindigt op 1 januari 2021.
In het Handboek loonheffingen worden de volgende voorbeelden genoemd:
Voorbeeld 1
U maakt voor een werknemer sinds 1 januari 2017 gebruik van de 30%-regeling. Op 1 januari 2021 is er 4 jaar gebruikgemaakt van de regeling. U mag de 30%-regeling voor deze werknemer dan blijven gebruiken tot de looptijd van 5 jaar is verstreken. Dus tot 1 januari 2022.
Voorbeeld 2
U maakt voor een werknemer sinds 1 januari 2014 gebruik van de 30%-regeling. Op 1 januari 2021 is 7 jaar gebruikgemaakt van de regeling. U mag de 30%-regeling vanaf die datum niet langer gebruiken voor deze werknemer.
Het niet meer mogen toepassen van de 30%-regeling heeft als gevolg dat:
- het salaris niet meer gedeeltelijk kan worden uitgeruild (cafetariaregeling) voor een gericht vrijgestelde 30%-vergoeding;
- het schoolgeld voor de internationale school van de kinderen niet meer onbelast kan worden vergoed;
- de werknemer niet langer kan kiezen voor de zogenoemde partieel buitenlandse belastingplicht, waardoor hij mogelijk vermogensrendementsheffing in box 3 verschuldigd is.
Tip
Als het om een werknemer gaat voor wie de 30%-regeling per 1 januari 2021 eindigt, kan de werkgever overwegen om (bijvoorbeeld) een verschuldigde bonus nog in 2020 te betalen. De 30%-regeling kan dan nog worden toegepast.